opstelling

Als je je afvraagt waarom we de dingen doen zoals we ze doen, dan is het antwoord meestal: omdat we het zo geleerd hebben. Omdat anderen het ook zo doen of deden, zien we geen noodzaak om ons af te vragen wat de voordelen en nadelen zijn van de gebruikte methode, en kunnen we verbeteringen of nuanceringen (afgestemd op variabele omstandigheden) missen.

Op momenten dat iemand zich wél afvraagt waarom iets gedaan wordt op een bepaalde manier, wordt de kiem gelegd voor een geheel nieuwe benadering van dat gebied. Maar een kritische vragensteller kan absoluut zeker zijn van 1 ding, dat hij of zij de hele ‘establishment’ over zich heen zal krijgen en misschien, lang na deze storm, enige schoorvoetende erkenning.

Waarom?

Waarom heb ik het hier over? Hoe kom ik hierop? Ben ik het spoor bijster, en heeft een stokstaartje zijn eigenwijze koppie in mijn brein opgestoken? Nee, in deze weblogs doe ik mijn best om ons gebied van vaste zekerheden omtrent muziekmaken te injecteren met vragen als: waarom zingen we zoals we zingen, waarom dirigeren we zoals we dirigeren, waarom arrangeren we zoals we dat doen etcetera.

In dit artikeltje over kwaliteit vraag ik me af in hoeverre onze standaard manieren van kooropstelling, van de manier waarop zingende mensen zich ten opzichte van elkaar en de ruimte opstellen, wat nieuwe overwegingen kan gebruiken. Of we de kwaliteiten die we willen promoten via onze songs, zodanig kunnen ondersteunen dat ze versterkt worden.

Opstelling

Ik kan me voorstellen dat de kwaliteit van de ene song geholpen wordt door een soort van bos-opstelling, waarbij alle zangers/essen als bomen in een bos op enige afstand van elkaar staan. Voor een andere song kan het effect versterkt worden door een laser-opstelling, bijvoorbeeld staan in een pijl of lijn die de zaal in wijst.

Andere mogelijkheden zijn: hoogteverschillen aanbrengen door stellages of tafels en stoelen; groepjes met verschillende stemtypes bij elkaar (elk groepje met SATB); mensen met dezelfde neuzen bij elkaar (welke types zou je onderscheiden?); mensen indelen naar de kwaliteit van hun stem (niet de hoogte) zoals bijvoorbeeld aards, luchtig, vurig, waterig; mensen indelen naar schoenmaat; kleur van de ogen; schedelvorm (oei), losse en vaste oorlellen; en vele andere manieren van indeling en samenvoeging.

Kwaliteit

Cruciaal bij dit soort experimenten is natuurlijk, behalve het plezier en de nieuwe kijk op elkaar, je af te vragen of het werkelijk verschil maakt en proberen vast te stellen wat dat dan voor verschil is. en of het bruikbaar is voor het overbrengen van de kwaliteit van een song/lied/klankstuk.

Veel succes.

Ps: het gaat me niet om ‘leuke’ dingen te verzinnen, of andere opstellingen te kiezen omdat het zo aardig oogt, of omdat we dan iets origineels hebben gevonden. NEE, het gaat erom of je werkelijk meetbare, hoorbare, voelbare verschillen kunt maken door de formatie van je koor op je song af te stemmen. Uiteindelijk is een koor toch bedoeld om ‘iets’ over te brengen?


Ton Hettema
Ton Hettema

Ton Hettema is al 55 jaar, zowel theoretisch als practisch, gefascineerd door de mogelijkheden van het fenomeen stem en zingen. Hij studeerde aan het conservatorium te Groningen; had zangles van Grethe de Vink, Ruud van der Meer, Jos Burcksen en bestudeerde recentelijk een aantal vooraanstaande 'moderne' internet-zangmethodes, als SLS (Seth Riggs) , Singing Success (Brett Manning), Sing with Freedom (Per Bristow), Singing in the Mask (Eric Frey), How to sing a high C without strain (Thomas Appell) en vele andere.

Laat Een Reactie Achter